actueel

Cantatediensten in de Nieuwe Kerk te Groningen

Sinds de jaren ‘90 worden er in de Nieuwe Kerk te Groningen cantatediensten georganiseerd. In deze jaarlijkse serie van acht cantatediensten klinkt de prachtigste kerkmuziek, ingebed in een liturgische zetting. Inmiddels hebben we vele cantates, missen, motetten, Passionen van Bach uitgevoerd, daarnaast klonken werken van Schütz, Buxtehude, Gabriëli, Brahms, Fauré en vele anderen.

We streven steeds naar het hoogst haalbare niveau. Naast de koren zetten professionele solisten en gespecialiseerde barokmusici zich daarvoor jaar na jaar met succes in. Zonder hun deskundigheid, groot enthousiasme en passie voor deze muziek zouden de cantatediensten ondenkbaar zijn.
Wij nodigen u uit om met ons te genieten van de schoonheid en veelzijdigheid van de kerkmuziek.

De eerst volgende Cantatedienst is op zondag 5 juni.

Uitgevoerd worden: Koorwerken voor Pinksteren van de componisten Tomás Luis de Victoria, Orlando di Lasso, Josquin Desprez, J.S.Bach
Uitvoerenden zijn het Cantate Consort en continuo o.l.v. Jelte Hulzebos
Continuo:
Mathilde van Wijnen – bas de violon
Pieter Pilon – orgel

Voorganger: ds. Ruth Peetoom
Organist: Stef Tuinstra

Toelichting op de uit te voeren werken:
In deze cantatedienst worden werken uitgevoerd die gebaseerd zijn op de twee meest bekende Pinkster melodieën namelijk de gregoriaanse hymne Veni Creator Spiritus en de sequens Veni Sancte Spiritus. Daarnaast wordt het dubbelkorige motet ‘Der Geist hilft unser Schwachheit auf’ van J.S. Bach uitgevoerd.

Tomás Luis de Victoria (1548 – 1611) werd in het Spaanse Avila geboren. Als koorzanger aan de kathedraal viel hij dusdanig op dat hij als 17-jarige door koning Phillips II naar Rome werd gestuurd, om zich te ontwikkelen als musicus en als Jezuïet aan het befaamde Collegium Germanicum. Dit Collegium was het centrum van grote wetenschappers en kunstenaars en zeker ook een belangrijk geestelijk centrum van de Contrareformatie.
Als componist was hij zeer succesvol, wat mag blijken uit het feit dat de meeste van zijn composities tijdens zijn leven in druk zijn verschenen. In 1585 keerde hij terug naar Spanje, waar hij zich als kapelaan en Maestro de Capella aan het klooster van Las Descalzas de Santa Clara vestigde.
Van hem voeren we de bewerking van de hymne Veni Creator Spiritus uit met afwisselend de gregoriaanse melodie en meerstemmige toonzettingen waarbij in couplet 2 de melodie in de tenor klinkt, in couplet 4 in de alt en in couplet 6 in de tenor.

Orlando di Lasso (1532 – 1594) werd geboren in Mons in de Zuidelijke-Nederlanden. Als zanger in de St.-Nicolaaskerk was hij grondig geschoold. Zijn buitengewone zangtalent leidde er toe dat zijn ouders hem uiteindelijk afstonden aan generaal Ferdinand Gonzaga, gezant van Keizer Karel en onderkoning van Sicilië. Het verhaal gaat dat hij vanwege zijn zangtalent werd ontvoerd. Gonzaga sleepte hem mee op al zijn reizen waardoor Lassus de hofmuziek van heel Europa leerde kennen.
In 1553 werd hij kapelmeester van Sint-Jan-van-Lateranen in Rome en kon zich daar laven aan de kunst van onder anderen Palestrina. In 1556 liet hij zich inlijven in de hertogelijke hofkapel van Albrecht V te München en vanaf 1560 kwam hij aan het hoofd te staan van dit vermaarde ensemble. Hij toonde zich een meester in elk genre en heeft meer dan 2000 werken nagelaten: missen, motetten, chansons en madrigalen.
Het motet Veni Creator Spiritus is een vrije bewerking op de tekst van de hymne en is driedelig, te weten prima pars voor 6 stemmen, secunda pars voor 4 stemmen en tertia pars voor 6 stemmen.
Elk tekstfragment heeft een eigen thema(tje) dat door alle stemmen op verschillende wijze geïmiteerd wordt.

Josquin Desprez (1440-1521)
De biografie van Desprez is op veel punten onzeker. Zijn geboorteplaats is waarschijnlijk Doornik in Henegouwen. Als zanger was hij verbonden aan de kathedraal van Kamerijk. Vervolgens dook zijn naam op in Aix-en-Provence en enkele jaren later in Milaan waar hij werkte aan het hof van kardinaal Ascanio Sforza. In diens gevolg reisde Josquin naar Rome waar hij werd opgenomen in de pauselijke kapel (1489/95). Daarna werkte hij in Parijs als zanger in de Sainte Chapelle om vervolgens terug te keren naar Italië, ditmaal Ferrara. Vanwege de pest verliet hij Ferrara en vertrok naar Franrijk waar hij tot aan zijn dood in 1521 aan de Notre Dame in Condé werkte.
Tekst en noten van de sequens Veni, sancte spiritus zijn de basis voor het motet van Josquin des Prez Het is geschreven voor zes stemmen en is tweedelig. Het motet is een prachtig voorbeeld van de ingenieuze compo­neer­stijl van des Prez. Tussen de verschillende stemmen bewegen zich twee ca­nons, één canon tussen bas en tenor 2, de tweede canon tussen tenor 1 en sopraan.
De koorwerken die we vanmiddag uitvoeren vallen onder categorie polyfonie (dat begint bij Vader Jakob in canon), de verstrengeling van melodische lijnen, het zogenaamde contrapunt. Technische termen, geweldige muziek. De componisten die we in deze cantatedienst laten klinken zijn grootmeesters van deze compositiestijl en weten ons naar ik hoop met hun verfijnd klankweefsel te raken. Wellicht zoals het de hoofdpersoon in de roman van Theun de Vries ‘Het motet voor de kardinaal’ overkwam. Een jonge wees genaamd Wolf uit Vlaanderen, is dolende en overleeft door zich als soldaat te verhuren aan de meestbiedende. Zijn muzikaal talent blijft niet onopgemerkt en al snel wordt hij ‘pijper’ in het leger van de bourgondische hertog Karel de Stoute. Wanneer hij in Milaan aankomt wordt hij geconfronteerd met de muziek van Josquin.

Theun de Vries:
Ik schrok: op een galerij boven mijn hoofd ruiste het plotseling gedempt en verrassend. Vlak daarop barstte een koor van man­nenstemmen los. Ik wist niet wat ik hoorde. Ik keek links en rechts, maar niemand scheen ontdaan zoals ik. Ik vernam in het koor vele stemmen, die ieder voor zich schenen te zingen; zij ste­gen en daalden langs onzichtbare ladders over en naar elkaar, soms paarsgewijs, soms kruisten zij elkaars baan als kometen en sleepten een lange staart van harmonieën achter zich aan, zij hielden elkaar zwevende in evenwicht, en ondanks de kunstigste verstrengelingen was alles sterk en doorzichtig als zilveren steiger­werk in de ruimte. Ik stond na enkele minuten al te beven op mijn gesleten zolen, het zweet brak mij uit, hier gebeurde wat ik niet voor mogelijk gehouden had. Dat de macht van de muziek onbe­grensd is, had ik steeds meer vermoed dan geweten; nu ervoer ik het in eigen persoon, voor eens en altijd.

J.S. Bach (1685-1750)
Bach componeerde het motet  ‘der Geist hilft unser Schwachheit auf’ BWV 226 in 1729 voor de begrafenisdienst van de rector van de Thomasschule in Leipzig, Johann Heinrich Ernesti.
De tekst van dit motet is een gedeelte uit de brief van Paulus aan de Romeinen 8: 26 – 27 en de derde strofe van het koraal ‘Komm, Heiliger Geist Herre Gott’ van Martin Luther.
Het eerste deel van het motet is dubbelkorig met een dansante ritmiek waarin het woord ‘der Geist’ in snelle melismatische 16de noten is getoonzet. Daarmee contrasteert het met het tweede melodische element op de tekst ‘denn wir wissen nicht, was wir beten sollen’ dat alleen uit 8ste noten is opgebouwd met seufzer-figuren op ‘wissen’ en ‘beten’. Dit gedeelte mondt uit in de tekst ‘sondern der Geist selbst vertritt uns aufs beste mit unaussprechlichem Seufzen‘ dat in een 4delige maatsoort is geschreven. Dat gedeelte is fugatisch van opzet (d.w.z. thema-inzetten na elkaar in de verschillende stemmen) met een opvallend syncopisch hoofdthema dat gezien kan worden als metafoor voor de Geest die waait waarheen hij wil.
Het tweede deel van het motet is een vierstemmige dubbel-fuga geschreven in de zogenaamde Stile Antico, de stijl van de 16de eeuw zoals Palestrina deze praktiseerde. De twee tekstdelen hebben elk een thema, het ene op de woorden ‘Der aber die Herzen forschet…’, het andere op ‘denn er vertritt die Heiligen nach dem’. Bach combineert beide thema’s gaandeweg waardoor een complex zeer compact bouwwerk ontstaat. Het motet sluit af met een in detail uitgewerkte zetting van het derde couplet van Komm, Heiliger Geist, Herre Gott van Luther.
Jelte Hulzebos

Enige info over dirigent, koor en organist

Jelte Hulzebos studeerde orgel en klavecimbel aan het conservatorium te Groningen bij Wim van Beek en Jacques Ogg. Hij behaalde voor orgel het Einddiploma Solospel ‘Cum Laude’ en zijn klavecimbelstudie sloot hij af met het behalen van het diploma Uitvoerend Musicus. Hij verwierf het diploma Bachelor of Music voor orkestdirectie aan de Hogeschool voor de Kunsten Constantijn Huygens en het diploma voortgezette studie orkestdirectie aan de Messiaenacademie, beide bij Tilo Lehmann. Als organist van de Nieuwe Kerk is hij een van de vaste bespelers van het monumentale Timpe orgel uit 1831.
Sinds 1991 speelt hij een belangrijke rol in de organisatie en uitvoering van de maandelijkse cantatediensten in deze kerk. Daar voerde hij talrijke werken uit de 17de en 18de eeuw uit, waaronder Bach’s Hohe Messe, de Johannes-Passion en het Weihnachtsoratorium. Jelte Hulzebos is dirigent van het Cantate Consort en leider van het Noordelijk Barokensemble. Naast zijn concerterende activiteiten als organist, klavecinist en dirigent doceert hij in dezelfde vakgebieden. Orgelopnamen verschenen op zijn eigen cd label Cambiata Records waaronder de veel geprezen cd, Scheidemann, Sweelinck, Tunder en Bach in de Martinikerk te Groningen.
Website: www.jeltehulzebos.com 

Het Cantate Consort is in 1992 opgericht ten behoeve van de cantatediensten die maandelijks in de Nieuwe Kerk in Groningen worden gehouden. Sinds de oprichting staat het onder leiding van Jelte Hulzebos. Het verleent jaarlijks een zestal malen medewerking aan deze diensten, waarin geestelijke muziek in een liturgische context wordt uitgevoerd – vaak cantates van Bach, maar ook werken uit de vroege Duitse barok (Schütz, Schein, Bruhns, Buxtehude), hun Italiaanse voorgangers (Gabrieli, Monteverdi) en muziek uit de renaissance (Byrd, Orlando di Lasso, Palestrina). Zangers uit verschillende koren en ensembles uit Groningen worden per project uitgenodigd om in het Cantate Consort te zingen.
Stef Tuinstra studeerde orgel, piano, clavecimbel en trombone aan het Prins Claus Conservatorium te Groningen. Hij behaalde Summa Cum Laude het Master-diploma voor orgel, het 1e graads diploma kerkmuziek en koordirectie, de Prix d’Excellence voor orgel en de koraalprijs ter gelegenheid van het Nationaal Improvisatie Concours te Bolsward. Ook werd hij onderscheiden bij het Internationaal Clavecimbel Concours te Brugge.
Hij is in deeltijd zowel organist van de Martinikerk als van de Nieuwe Kerk te Groningen en is leider van de Noord-Nederlandse Orgel-Academie (NNOA).
Stef Tuinstra concerteert en is masterclassdocent in verschillende Europese landen, Japan en de USA.
Hij staat bekend als inventief improvisator in verschillende stijlen van Renaissance tot hedendaags. Zijn CD’s worden gezien als baanbrekend, van hoog artistiek niveau, blijvend actueel en hebben diverse prijzen ontvangen.
Als gecertificeerd en inmiddels internationaal gezaghebbend orgelbouwadviseur werkt Stef Tuinstra nauw samen met diverse protestantse kerken en stichtingen in Nederland en met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
Ook is hij auteur van diverse (internationale) publicaties over orgelbouw en -spel. Zie op www.nnoa.nl.

Toegang gratis, collecte bij de uitgang.

– – –

De collecte bij de uitgang is volledig bestemd voor de Cantatediensten. Wij verzoeken u daarom vriendelijk deze ruim te bedenken en denken daarbij aan een richtbedrag van € 7,50 per persoon. Daarnaast kunt u zich aanmelden als donateur door overmaking van ten minste € 25,- op banknummer NL67INGB0009444965 t.n.v. Commissie Cantates in de Nieuwe Kerk.
U kunt ook met onderstaande Tikkie geld overmaken:

PS: de Commissie Cantates in de Nieuwe Kerk is een ANBI instelling, omdat zij (in die zin) valt onder de Protestantse Gemeente Groningen (PGG). U kunt daarom eventuele giften aan de Commissie bij de aangifte Inkomstenbelasting opgeven. U moet dan ook melding maken van de ANBI instelling, en dat is bij giften aan de Cantatediensten dus de PGG.

– – –

De cantatedienst van 3 april jl. waarin de Johannes Passion van Johann Sebastian Bach werd uitgevoerd was een groot succes!
In de kerk hebben 370 bezoekers genoten van een prachtige uitvoering. Het koor (CantateConsort) overtrof zichzelf en de solisten Christy Luth, Marijke Beute, Twan van der Wolde en Nanco de Vries, samen met Han Warmelink als evangelist en Luuk Tuinder als Christus waren van een hoog niveau.
Een compliment is op z’n plaats voor het orkest en zeker ook voor de dirigent Jelte Hulzebos die er  in slaagde dit mooie en complexe werk op een indringende wijze uit te laten voeren.

Hieronder staan nog een paar foto’s van repetitiemomenten.

– – –